“Fiets je mee mam?” Vraagt ze. “Natuurlijk” antwoord ik haar.

Het is 7.30 en samen fietsen wij naar haar school. Samen. Klein woord maar zo vol van betekenis. We kletsen over van alles en nog wat. Wat de dag haar zal brengen, afspraakje met haar beste vriendin, plannen voor het weekend, aankomend theaterpresentatie en nog veel meer.  Het zonnetje op mijn huid maakt het nog mooier.  Ik luister, praat, denk en koester dit moment. Zij en ik, even samen. De overgang naar de middelbare school was niet alleen voor haar een grote stap.  Maar ook voor mij. Elke dag bracht ik haar met haar zus en zusje naar school. Ik was weer compleet als ik alle meiden weer thuis om mij heen had. Dat is nu dus even anders. Ook voor mij een nieuwe fase. Loslaten…. ik geloof dat ik er nog niet aan toe ben.

We praten nog een tijdje verder. Haar opgewekte humeur doet mij goed. Zij die bijna altijd vrolijk is, bijna altijd lacht, zelfs in de ochtend. Bij school aangekomen krijg ik een dikke zoen. “Fijne dag mam, tot straks” “jij ook lief, geniet ervan!” zeg ik en weg is ze. Ik fiets terug en denk na over de tijd. Hoe snel alles gaat. Het moment dat ik haar voor het eerst zag. Een klein glibberig poppetje met een fragile huiltje dat op mijn borst werd gelegd tot nu, een mooie puber die bijna (ja, scheelt nog zo’n 5 cm!!!) net zo groot is als ik, oké ik ben 1.65 no big deal hoor ik je zeggen, maar toch!
Alles heb ik met haar beleefd. Niets willen missen. Bijna elke lach gevangen bijna elke traan gedroogd. Elke dag krijg ik knuffels, kusjes en vaak een kattebel met lieve woordjes.  Ben trots op haar. Op wie ze is. Hoe ze is maar vooral dat ze blijft zoals ze nu is. Zichzelf.

Mijn liefde voor mijn meiden is niet in woorden uit te drukken. Voor dit gevoel moet het woord nog geschreven worden.

Donderdagochtend 12 mei 2016

“Mam, fiets je mee? Dan moeten we nu gaan”

Ik graai mijn fietssleutel van het rekje, trek een jasje aan en pak mijn fiets. Ontbijten doe ik straks wel. Dat mijn tanden nog niet zijn gepoetst en mijn haar in de klit zit boeit mij nu even niets. even samen!

“Ik kom eraan”!